Coöperatieve Vereniging Nederlandse Assurantie Beurs B.A.

Product Approval and Review Process (PARP)

Sinds 1 januari 2013 voorziet het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo) in eisen ten aanzien van de kwaliteit van productontwikkelingsprocessen van financiële ondernemingen en de daaruit voortvloeiende producten. Deze eisen zijn gespecificeerd in artikel 32 BGfo en sluiten aan bij het thema ‘Klantbelang Centraal’.

Artikel 32 BGfo bevat een open norm. Gestoeld op het principe van evenwichtige belangenafweging tijdens productontwikkeling, productgoedkering en productevaluatie hebben toezichthouders de Product Approval and Review Process (PARP)-verplichting ingesteld en zullen zij de open norm van artikel 32 BGfo aan de hand van de PARP-verplichting handhaven. Anders dan de zorgplicht - reeds voorzien bij wet - zal PARP toezien op de ontwikkeling van het product, niet slechts op de aanbieding daarvan.

Wij zijn in gesprek gegaan met de AFM over de invulling van PARP in de co-assurantiemarkt. Middels deze circulaire zetten wij de verplichtingen omtrent PARP voor u op een rij.

Wat houdt PARP in?

De PARP-verplichting is gebaseerd op artikel 32 BGfo en omvat het interne proces waarbij financiële producten op deugdelijkheid worden getest. Van belang is dat de productontwikkelaar het volgende toetsingskader aanhoudt:

  1. Verantwoordelijkheden binnen de processen van productontwikkeling zijn duidelijk en op voldoende hoog niveau belegd.
  2. Processen faciliteren het zelfkritisch vermogen.
  3. De doelgroep van producten is goed afgebakend.
  4. Uitvoering van scenarioanalyses en productvergelijking.
  5. Goede aansluiting op relevante andere processen in de keten van het product (bijvoorbeeld informatieverstrekking aan adviseurs en klanten, aanvraagprocedures en klachtenprocedures).
  6. Evaluatie
In het kort: er moet zekerheid bestaan dat er een deugdelijk product aangeboden wordt aan de juiste doelgroep.

Het is duidelijk dat de PARP-regelgeving is ontwikkeld met het oog op consumentenbescherming. De PARP-regelgeving is ook toepasbaar op de zakelijke markt, maar de AFM gaat niet voorbij aan het feit dat men binnen de zakelijke markt over het algemeen meer kennis heeft over financiële producten dan binnen de consumentenmarkt. Hierdoor kan er in de zakelijke markt/co-assurantiemarkt een ander PARP-traject doorlopen worden.

Voor wie geldt PARP?
Op grond van artikel 32 BGfo in samenhang met artikel 4:14 en 4:15 WFT geldt PARP voor zowel makelaars als verzekeraars. Zowel AFM als DNB zal dus toezicht houden op een adequate interne PARP-procedure. Aanvullend moet vermeld worden dat artikel 32 BGfo in samenhang met artikel 4:14 en 4:15 WFT niet voorziet in uitzondering van toepasbaarheid voor grote risico’s. Producten aangaande grote risico’s zullen dus ook een PARP-procedure moeten ondergaan.

PARP en Co-assurantie
Hoe dienen we om te gaan met PARP binnen de co-assurantiemarkt? Ons gesprek met de AFM heeft al meer duidelijkheid omtrent dit onderwerp verschaft. Uitgangspunt hierbij is dat de gestandaardiseerde aspecten/voorwaarden van een verzekeringsproduct aan PARP onderworpen moeten worden.

PARP-verantwoordelijkheid:

Omdat standaardvoorwaarden in de praktijk aangepast worden, is elke partij verantwoordelijk voor het ‘PARP proof’ maken van zijn eigen stukje/zijn eigen aanpassingen. De makelaar voert het PARP-proces uit voor zijn eigen voorwaarden, de verzekeraar onderwerpt vervolgens zijn aanpassingen aan het PARP-proces. Als de verzekeraar zelf geen aanpassingen doorvoert, mag hij in principe vertrouwen op het PARP-proces van de makelaar. De verzekeraar moet zich er echter wel van vergewissen dat de makelaar een deugdelijke PARP heeft uitgevoerd. Mocht een verzekeraar twijfels hebben over het PARP-proces van de makelaar, dan dient de verzekeraar zijn PARP uitgebreider uit te voeren. Het hoofduitgangspunt blijft echter:

Omdat de makelaar in co-assurantie het financiële product samenstelt, zal de hoofdverantwoordelijkheid voor een deugdelijk product liggen bij de makelaar.

Doelgroep:

Het PARP-en van elke afzonderlijke co-assurantiepolis wordt ook door AFM gezien als vergaand. Wel is het van belang dat waar men een doelgroep kan onderscheiden, het doelgroep-criterium meegenomen wordt in de PARP. De diepgang van de procedure dient afgestemd te worden op de kennis die aan de doelgroep toegekend kan worden. Dit heeft nauw verband met de wettelijke zorgplicht van de makelaar.

Verantwoordelijkheid Verzekeraar/Gevolmachtigden:

De verantwoordelijkheid voor PARP in de verzekeraar/gevolmachtigde-constructie hangt af van de hoedanigheid waarin het product wordt aangeboden. Als het product direct wordt overgenomen van de verzekeraar en door de gevolmachtigde aangeboden wordt op de markt, dan blijft de verzekeraar hoofdverantwoordelijke voor de PARP. Past de gevolmachtigde het standaardproduct echter aan om het vervolgens aan te bieden op de markt, dan wordt de gevolmachtigde gezien als hoofdverantwoordelijke voor de PARP.

Rol van de VNAB:

Ook voor de VNAB is een rol weggelegd binnen de PARP-regelgeving. De modelvoorwaarden aangeboden via de website van de VNAB zullen een intern PARP-proces ondergaan, zodat deze ‘PARP-proof’ aan de leden aangeboden kunnen worden. Leden hoeven dan slechts de wijzigingen aan hun eigen PARP-proces te onderwerpen.

Samengevat
  • De VNAB is met AFM over PARP in gesprek
  • De AFM heeft aangegeven dat niet elke afzonderlijke assurantiepolis onderworpen hoeft te worden aan een PARP-proces
  • De wet voorziet niet in een uitzondering van grote risico’s. PARP is dus ook toepasbaar op deze risico’s
  • De makelaar en de verzekeraar hebben ieder een eigen verantwoordelijkheid. In de co-assurantiemarkt is het de makelaar die het financiële product samenstelt. De hoofdverantwoordelijkheid ligt dan ook bij de makelaar
  • Daar waar men door middel van co-assurantiepolissen specifieke doelgroepen bedient, dient men altijd alert te zijn op PARP
  • De VNAB gaat alle VNAB modelvoorwaarden onderwerpen aan een PARP-proces. Zodra dit proces is afgerond zullen wij u informeren. 
Binnen de VNAB zijn wij naar aanleiding van deze informatie aan het kijken hoe we een deugdelijke PARP-procedure kunnen opzetten voor onze modelvoorwaarden. Wij houden u uiteraard op de hoogte van de ontwikkelingen.

Mocht u naar aanleiding van de circulaire nog vragen hebben dan kunt u contact opnemen met mr. Vicky Blok, juridisch medewerker, bereikbaar onder telefoonnummer 010-253 2065 of v.blok@vnab.nl (aanwezig woensdag/donderdag/vrijdag).
Publicatie datum: 21 mei 2014
Meer nieuws